Door:
Bob van Dillen

9 maart 2021

Tags

Ontwikkelingssamenwerking en migratie zijn twee vraagstukken waarover de meningen vaak sterk verschillen, ook in verkiezingstijd. Wat verstaan we onder duurzame ontwikkeling, en hoeveel willen we hiervoor elk jaar uitgeven? Hoe kan migratie bijdragen aan groei en welvaart in ons land, maar ook in de landen van herkomst? Hoeveel vluchtelingen kan Nederland maximaal opvangen? Welk beleid is er nodig om veilige migratie te vergroten, maar ook om de onderliggende oorzaken van gedwongen migratie aan te pakken? Tijd dus voor een verkiezingsdebat!

Als we naar het Nederlandse migratiebeleid kijken,dan scoort het demissionaire kabinet niet best. Van de droevige deal over de opvang van vluchtelingen uit Lesbos tot de chronische achterstanden bij de IND: zelfs de meeste coalitie partijen zijn er niet bepaald trots op.

Wat minder aandacht heeft gekregen de afgelopen jaren is het beleid rond het aanpakken van grondoorzaken van gedwongen migratie, vooral in fragiele- en conflictgebieden. Denk aan Syrië en Irak, waar Nederland ook zelf actief betrokken was bij het conflict; of aan de Hoorn van Afrika, waar zo’n 8 miljoen mensen op de vlucht zijn, onder andere vanwege droogte en overstromingen veroorzaakt door klimaatverandering.

Nog te vaak wordt weggekeken van de rol van Europa en Nederland bij deze problematiek, en bij het ontbreken van coherent beleid. Wat zijn de plannen van politieke partijen op het gebied van migratie? Cordaid zocht het uit en publiceerde onlangs de stemhulp migratie en ontwikkeling.

Opvang in de regio

De opvang van vluchtelingen en ontheemden in hun land of in de regio is een prioriteit van minister Kaag, die daarmee uitvoering heeft gegeven aan de Integrale Migratie Agenda van dit kabinet. Eind januari stuurde zij een brief aan de 2e Kamer over de voortgang in “het bieden van perspectief en een menswaardig bestaan voor deze zeer kwetsbare groep mensen” met nieuwe accenten vanwege de huidige Covid-19 crisis.

Dat perspectief is keihard nodig, want inmiddels zijn bijna 80 miljoen mensen op de vlucht, met vaak niet veel meer bij zich dan hun kleren en schoenen. Minister Kaag gaf vooral steun aan onderwijs en werkgelegenheid, bescherming en registratie van kwetsbare groepen en aan psychosociale gezondheidszorg. Zij werkt daarbij sinds 2018 samen met UNHCR, ILO, UNICEF, IFC en de Wereldbank, met een budget van € 500 miljoen voor 5 jaar.

Dit soort initiatieven zijn hard nodig want de budgetten voor humane opvang in conflictregio’s zijn structureel veel te laag, en vooral gericht op noodhulp – alsof vluchtelingen na 6 maanden weer naar huis zouden kunnen. De aandacht van de minister voor onderwijs, werk en inkomen is daarom terecht, net als de erkenning dat ook de gastgemeenschappen moeten profiteren van de langjarige investeringen. Met voldoende steun kan daarmee een hele regio tot bloei komen.

Naast deze hulp is het van groot belang om kwetsbare vluchtelingen te hervestigen. Nederland draagt hier nauwelijks aan bij, terwijl op de VN Top in 2016 is opgeroepen om jaarlijks 10% van het aantal vluchtelingen en ontheemden te hervestigen. Hoewel sommige politieke partijen nu oproepen tot een jaarlijks quotum van 5000 lijkt ook dat aantal in het niet te vallen bij de grote vraag vanuit de regio.

Migratie en ontwikkeling

De tekening bovenaan dit artikel laat echter zien dat er nog meer haken en ogen zitten aan de rol van ontwikkelingssamenwerking (OS) bij migratie. Allereerst zien we dat in de EU ontwikkelingshulp steeds vaker wordt gebruikt voor migratie doeleinden. Dat kennen we in Nederland al in de vorm van eerstejaars opvang van asielzoekers in Nederland, wat betaald wordt uit de OS-begroting. Maar ook Europese hulpgelden worden steeds vaker ingezet om migratiemaatregelen en grenscontroles te financieren, of worden ingetrokken als het ontvangende land niet akkoord gaat met het terugnemen van uitgeprocedeerde asielzoekers.

Ook verschuiven de hulpgelden naar landen van herkomst en transit naar Europa, ten koste van arme landen verder weg van de Middellandse Zee. Ook in de OESO woedt een stevig debat over welke uitgaven mogen worden meegeteld bij het ODA budget. Zo vindt Italië dat het financieren van de Libische kustwacht in het onderscheppen en terugbrengen naar vreselijke detentiekampen prima uit OS-middelen betaald mag worden. Alsof het überhaupt legaal en humaan zou zijn…

Een ondergeschoven kindje binnen het Nederlandse beleid is nog altijd het ondersteunen en faciliteren van de bijdrage van migranten en diaspora aan duurzame ontwikkeling in het land van herkomst. Dat blijkt ook uit de verschillende verkiezingsprogramma’s, waar niet of nauwelijks visies of standpunten zijn terug te vinden.

Afgelopen week hoorden we, tijdens een door ons georganiseerd webinar over de rol van de Afghaanse diaspora bij de sociaaleconomische ontwikkeling van Afghanistan, hoe de Afghaanse diaspora haar steentje meer dan bijdraagt aan onderwijs, zorg en werkgelegenheid in verschillende Afghaanse provincies. Waar donoren komen en gaan is hun betrokkenheid blijvend en hun bijdrage toegespitst op hele concrete noden en oplossingen. Wat zou het mooi zijn als er een programma zou bestaan waarbinnen Nederlandse maatschappelijke organisaties met diaspora organisaties zouden kunnen samenwerken om samen tot nog betere resultaten te komen?

Het verkiezingsdebat over migratie en ontwikkeling wordt georganiseerd op donderdag 11 maart, 10.00 – 12.00 uur. Aanmelden kan hier.

Bob van Dillen is  Adviseur Migratie bij Cordaid

 

 

 

 

 

Vaagheid troef

Door Paul Hoebink | 26 juni 2022

Vrijdag, laat in de middag, lanceerde minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Liesje Schreinemacher haar nieuwe nota. Het is moeilijk er enige duidelijkheid, er een heldere strategie in te vinden: het is vaagheid troef, stelt Paul Hoebink.

Lees artikel

Shift the power op de universiteit

Door Marc Broere | 24 juni 2022

Robert Kajobe is een prominente wetenschapper uit Oeganda. Marc Broere bezoekt de hoogleraar met wie hij al een kwart eeuw bevriend is, voor een terugblik en om de stand van het Afrikaanse academische leven te bespreken. Onder collega’s bemerkt Kajobe nog te vaak een minderwaardigheidscomplex – en dat mogen ze wel afschudden, vindt hij. ‘Een westers idee wordt soms domweg maar geaccepteerd, ook al weet je als lokale onderzoeker dat het niet werkt, maar je bent te bang om dat aan de orde te stellen.’

Lees artikel

Lotsverbondenheid of opportunisme? Reflecties op de beleidsnota van minister Schreinemacher

Door Vice Versa | 16 juni 2022

Op 24 juni komt de beleidsnota van minister Liesje Schreinemacher voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking uit. Een goede reden om met verschillende partijen te reflecteren over de nieuwe beleidsvoornemens. En dat doen we op donderdagavond 30 juni in Den Haag.

Lees artikel