Door:
Mirjam Tjassing

9 maart 2021

Tags

Na de staatsgreep van 18 augustus in Mali domineerde de internationale gemeenschap onder leiding van ECOWAS het debat over de transitieperiode die moest volgen in het land. Om de stemmen van Malinezen in het algemeen en jonge Malinezen in het bijzonder hoorbaar te maken, lanceerde het bloggersplatform Benbere de hashtag #MaTransition (Mijn Transitie). Die zorgde voor een nieuw bewustzijn: juist nu liggen er kansen voor hervormingen, schrijft Mirjam Tjassing.

Op 18 augustus 2020 grijpt het leger de macht in Mali. President Ibrahim Boubacar Keita, aan de macht sinds 2013, neemt voor de camera’s van de staatstelevisie ontslag, maar niet voordat hij eerst het parlement heeft ontbonden. Aangezien de voorzitter van het parlement volgens de grondwet de plaats van de president inneemt op het moment dat deze niet meer in staat is om te regeren, ontstaat een constitutioneel vacuüm.

De Malinezen reageren gelaten, en in sommige gevallen zelfs opgelucht. In de weken voorafgaand aan de staatsgreep waren de straten van Bamako geregeld volgelopen met demonstraties tegen de president. Een coalitie van politieke partijen, religieuze organisaties en organisaties uit het maatschappelijk middenveld eiste het aftreden van de president en de ontbinding van het parlement. De aanleiding waren de parlementsverkiezingen van maart/april, waarvan de uitslagen door het constitutioneel hof zo waren aangepast dat de presidentiële coalitie van een ruime minderheid ineens een meerderheid in het parlement kreeg.

Toen een kandidaat parlementslid met hechte banden met de presidentiële familie, die aanvankelijk verloren had, niet alleen via de uitspraak van het hof een zetel toegewezen kreeg, maar daarna ook nog tot voorzitter van het parlement werd gekozen, was het hek van de dam. Wekenlang werd het dagelijks leven opgeschud door massale demonstraties en burgerlijke ongehoorzaamheid. Bemiddeling door de regionale organisatie ECOWAS leidde tot niets. En toen vond de staatsgreep plaats.

Staatsgreep

President Ibrahim Boubacar Keita, ook wel IBK genoemd, was zelf in 2013 aan de macht gekomen na een transitie. In 2012 hadden lage legerofficieren de macht gegrepen vanwege hun ontevredenheid over de omstandigheden waarin het leger tegen de pas uitgebroken rebellie moest vechten. Onmiddellijk na de staatsgreep was de belangrijkste prioriteit van de internationale gemeenschap en de politieke klasse: terug naar de constitutionele orde. En toch, ondanks het feit dat de transitie van 2012-2013 was ingeleid door een staatsgreep, was die wel degelijk het gevolg van grote onvrede onder de bevolking. Corruptie en nepotisme vierden hoogtij, en de burgers herkenden zich niet in hun vertegenwoordigers.

De oproep tot terugkeer naar de constitutionele orde werd door velen met argwaan geïnterpreteerd als een terugkeer naar datzelfde politieke systeem dat tot de rebellie en de staatsgreep had geleid. Desalniettemin werd onder grote druk van ECOWAS ook toen een transitieregering gevormd die als centrale opdracht kreeg snel verkiezingen te organiseren. Hervormingen werden vooruitgeschoven tot na de verkiezingen, aangezien alleen een gekozen regering legitiem genoeg werd geacht om hervormingen door te voeren.

Helaas was in de zeven jaar sinds de verkiezing van IBK geen van de gevraagde hervormingen doorgevoerd. Wel was de veiligheidssituatie verder verslechterd en ook corruptie toegenomen. De relatie tussen de staat en de burger was er zeker niet beter op geworden. Herhaaldelijk gingen de burgers massaal de straat op voor ‘verandering’ en ‘beter bestuur’. In 2020 was de maat vol: nu werd het vertrek van de president geëist.

Ondanks het feit dat het recept snel verkiezingen organiseren in 2012-2013 niet tot de gewenste hervormingen en verandering van bestuur had geleid, was het recept van ECOWAS toch weer hetzelfde: een korte transitie en snelle verkiezingen. En dat terwijl juist de ongeloofwaardigheid van de verkiezingen tot deze nieuwe crisis had geleid. De door ECOWAS opgelegde economische sancties lieten geen ruimte voor een debat over wat er tijdens de transitie zou moeten gebeuren om op een nieuwe basis de toekomst in te gaan. De stem van de Malinezen was vrijwel onhoorbaar.

Benbere

Op initiatief van het Nederlands Instituut voor Meerpartijendemocratie (NIMD) lanceerde het door RNW Media gesteunde Malinese bloggersplatform Benbere daarom een week na de staatsgreep de hashtag #MaTransition. Doel van de social mediacampagne was om de stem van Malinezen, en vooral jongeren, hoorbaar te maken. En dat lukte. De bloggers van Benbere organiseerden debatten op verschillende plekken in het land en benaderden actief vrouwen over hun mening. De resultaten hiervan werden op de sociale media gedeeld. Ook politici, die helaas maar mondjesmaat van zich lieten horen, werden uitgenodigd zich uit te spreken.

Meer dan anderhalf miljoen Facebookgebruikers en 28 miljoen Twittergebruikers zagen in hun tijdlijn berichten voorbijkomen, waarin Malinezen hun zorgen en wensen kenbaar maakten over de transitieperiode. De hashtag werd op Facebook meer dan 1000 keer gebruikt en op Twitter 2300 keer. Het tijdschrift Jeune Afrique schreef een artikel over ‘de hashtag die de macht aan jongeren geeft’, en verschillende andere media, zoals het Franse televisiekanaal TV5 berichtten over de hashtag.

Wat vertelden de berichten op #MaTransition ons? Ten eerste werd duidelijk dat de Malinezen de transitie wilden aangrijpen als een kans om eindelijk essentiële hervormingen door te voeren. Volgens onderzoeker Boubacar Haidara zou Mali te maken hebben met een ‘gebrek aan staat’, maar ook met een ‘afwijzing van de staat’. Hij voegt eraan toe: “We kunnen zeggen dat de Malinese staat een roofdier is geworden van de samenleving, en tegelijkertijd ten prooi aan een kleine elite. De schaarse middelen van de staat worden gemonopoliseerd door de heersende minderheid, waardoor de vitale sectoren van de staat achterblijven: onderwijs, gezondheid, veiligheid, enz.”

Malinezen waren daarom vooral geïnteresseerd in een gesprek over de doelstellingen voor de transitie. De lengte van de transitie zou vooral daarvan moeten afhangen, en snelle verkiezingen waren dus niet per se een prioriteit. Daarnaast was er geen duidelijk voorkeur voor een burger of een militair aan het hoofd van de transitie. Er waren weliswaar zorgen over militairen in het bestuur, maar er was ook overeenstemming dat de politieke klasse had afgedaan. Wat men vooral zocht was ‘iemand die het land goed kan leiden’.

Als doelstelling voor de transitie wilden de hashtaggebruikers een hervorming van de staat en het politieke systeem. Uit de berichten sprak een enorme behoefte aan een politiek systeem dat de burger centraal stelt, zoals bijvoorbeeld door een hervorming van de onderwijssector. De staat werd gezien als afwezig, en tegelijkertijd was er sprake van een grote afkeer van de staat in zijn huidige vorm, die verantwoordelijk werd geacht voor straffeloosheid en rechtsongelijkheid. Duidelijk bleek dat de Malinezen zich niet herkenden in hun volksvertegenwoordigers, en om die reden werd electorale hervormingen ook prioritair geacht.

Hervormingen

Die stemmen vanuit de bevolking steunden de putschisten om ondanks de druk van de economische sancties de tijd te nemen voor nationale consultaties. Die leidden tot een transitieprogramma waarin de genoemde hervormingen inderdaad een prominente rol kregen. De komende maanden moeten uitwijzen hoeveel er terechtkomt van die hervormingen, maar de campagne #MaTransition heeft nu al bijgedragen aan een belangrijke bewustwording: dat overhaaste terugkeer naar een constitutionele orde, die juist tot verschillende crises heeft geleid, risicovol is, en dat een transitieperiode kansen biedt voor broodnodige en gewenste hervormingen – mits deze inclusief en participatief tot stand worden gebracht.

Ondertussen blijven RNW Media, NIMD en Benbere tijdens de transitie samenwerken om de stemmen van jonge mannen en vrouwen hoorbaar te maken en de politieke klasse uit te nodigen een politiek aanbod te creëren dat beantwoord aan de noden en wensen van de Malinese bevolking.

Mirjam Tjassing is Regionale vertegenwoordiger Sahel van het Nederlands Instituut voor Meerpartijen Democratie (NIMD)

 

Vaagheid troef

Door Paul Hoebink | 26 juni 2022

Vrijdag, laat in de middag, lanceerde minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Liesje Schreinemacher haar nieuwe nota. Het is moeilijk er enige duidelijkheid, er een heldere strategie in te vinden: het is vaagheid troef, stelt Paul Hoebink.

Lees artikel

Shift the power op de universiteit

Door Marc Broere | 24 juni 2022

Robert Kajobe is een prominente wetenschapper uit Oeganda. Marc Broere bezoekt de hoogleraar met wie hij al een kwart eeuw bevriend is, voor een terugblik en om de stand van het Afrikaanse academische leven te bespreken. Onder collega’s bemerkt Kajobe nog te vaak een minderwaardigheidscomplex – en dat mogen ze wel afschudden, vindt hij. ‘Een westers idee wordt soms domweg maar geaccepteerd, ook al weet je als lokale onderzoeker dat het niet werkt, maar je bent te bang om dat aan de orde te stellen.’

Lees artikel

Lotsverbondenheid of opportunisme? Reflecties op de beleidsnota van minister Schreinemacher

Door Vice Versa | 16 juni 2022

Op 24 juni komt de beleidsnota van minister Liesje Schreinemacher voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking uit. Een goede reden om met verschillende partijen te reflecteren over de nieuwe beleidsvoornemens. En dat doen we op donderdagavond 30 juni in Den Haag.

Lees artikel