Door:
Dirkje Jansen

21 april 2021

Tags

In de reeks over wat er qua ontwikkelingssamenwerking in het regeerakkoord hoort te komen, is het woord aan Dirkje Jansen, hoofd programma’s bij Amref Flying Doctors. ‘Wij werken vanuit de filosofie van Ubuntu: ik ben, omdat wij zijn.’ Ze pleit ervoor die gedachte in alle hulp door te voeren.

Internationale samenwerking was nauwelijks onderwerp van gesprek rondom de verkiezingen. Opvallend – en een gemiste kans, want het biedt een platform om te laten zien dat je begrijpt dat veel problemen vandaag grensoverschrijdend zijn en dat je dus ook de oplossingen zo moet zoeken. Het is al lang niet meer ‘het afdoen van schuldgevoel’ of ‘het geven aan de armen’.

Ontwikkelingssamenwerking is een strategische manier van over grenzen heen samenwerken en een middel in het aanpakken van wereldwijde problemen, waar ook wij híer – in Nederland – de gevolgen van ervaren. En ja, dat het de wereld direct een beetje mooier en beter en eerlijker kan maken, dat is de impact die je wilt zien: als er minder ongelijkheid is, is het voor iedereen beter.

Internationale samenwerking speelt ook nauwelijks een rol in onze corona-aanpak. Opvallend, nogmaals, en weer een gemiste kans. Het is evident dat Nederland, net als heel veel andere rijke landen, enorm tekortschiet in het effectief bestrijden van de pandemie, onder meer door het opkopen van vaccins, waardoor die voor Afrikaanse landen duurder zijn en langer op zich laten wachten.

‘Niemand is veilig, totdat iedereen veilig is’

Als grootste Afrikaanse gezondheidsorganisatie bouwen we continu aan systeemverandering. We zoeken naar duurzaamheid, schaal en culturele en sociale doorbraken. Het is werk van de lange adem – en we zien dat het werkt.

Dankzij de strategische samenwerkingen met de Nederlandse overheid, zowel in Den Haag als met de ambassades, hebben we vijf miljoen mensen aan goede toiletten geholpen en een systeem in gang gezet waarbij mensen zelf en lokale banken 150 miljoen euro hebben geïnvesteerd. Of dat meisjesbesnijdenis met een kwart is gedaald en meiden gemiddeld tweeënhalf jaar langer naar school gaan. Dàt is impact. En impact bereik je met horten en stoten en met zoveel mogelijk lokale samenwerkingen.

‘Als het Zuiden leidt, moet het vanuit zijn eigen filosofie leiden’ (Joachim Osur, Amref)

Zuidelijk leiderschap is iets waar al decennialang over wordt gesproken, de Verklaring van Parijs is erop gestoeld en toch gaat het moeizaam – en neigen we nog vaak naar ‘wie betaalt, bepaalt’. Dat is niet alleen in de internationale samenwerking zo, maar het is wel extra gevoelig in deze tak van sport. Want als je machtsrelaties wil veranderen, dan kun je niet om het concept van geld heen. En naast dat Nederland een partner in de internationale samenwerking is, is het ook een financier.

Wij zijn een Afrikaanse organisatie, ons hoofdkantoor staat in Kenia (en heeft daar altijd al gestaan). Op veel mondiale fora zijn we de stem van Afrika, met onze voeten in de klei samenwerkend met lokale gemeenschappen. We werken vanuit de filosofie van Ubuntu: ik ben, omdat wij zijn. Maar hoe zorgen we ervoor dat de samenwerking ook daadwerkelijk vanuit organisaties als de onze vormgegeven wordt?

Het dekoloniseren van de hulp, echt richting een gelijkwaardige samenwerking, is iets wat nog niet volledig is bereikt. Maar de ontwikkelingen die we zien in het leiderschap vanuit ambassades, de strategische plannen, het betrekken van het maatschappelijk middenveld bij het opstellen van prioriteiten en daar ruimte aan geven, die moedigen we aan.

‘Het is niet òf de gezondheid, òf de economie. Dat is geen tegenstelling, dat zijn twee kanten van dezelfde medaille’ (Mark Rutte)

Impact en zuidelijk leiderschap – inclusief het weerleggen van de macht die daarbij hoort – kosten tijd, maar zijn wel degelijk mogelijk. Het is daarom van belang dat de Nederlandse overheid vasthoudt aan haar prioriteiten en landenfocus om zelf ook een betrouwbare partner te zijn.

Wat vandaag de dag laat zien, is dat de 0,7 procent nodig is. De vele bezuinigingen tasten de daadkracht van Nederland als internationaal invloedrijke speler aan. Al bijna tien jaar lang zitten we onder de norm. Hoezo, goed leiderschap? En als ik dan mag pleiten voor de bestemming van de extra investering, dan is het volmondig: richting gezondheid.

De pandemie die we nu bestrijden, konden we een decennium geleden al zien aankomen; het was enkel een kwestie van tijd. De mondiale gezondheidssystemen moeten lokaal geïmplementeerd worden. We moeten de data verbeteren, de informatiesystemen, de capaciteit van zorgstelsels, om te voorkomen en adequaat te reageren. En al die dingen zijn mogelijk – zodat we bij de volgende pandemie wel ècht voorbereid zijn.

Dirkje Jansen is hoofd programma’s bij Amref Flying Doctors

 

The tailor-made support by Amani Kibera

Door Eunice Mwaura | 07 mei 2021

In particular, locally rooted organizations make a difference in the response to Covid-19. With few resources, they deliver tailor-made assistance and make a Hugh impact. A report on the work of Amani Kibera in Nairobi. ‘It’s not only more effective, it guarantees the dignity of the people.’

Lees artikel

Versterk de tegenmacht van het middenveld

Door Kees Zevenbergen | 06 mei 2021

In de reeks over wat er qua ontwikkelingssamenwerking in het regeerakkoord hoort te komen, is het woord aan Kees Zevenbergen, directeur van Cordaid. ‘Het ministerie kan wel wat Rijnlands denken gebruiken: méér lange termijn, meer risico’s en durf. Het gebeurt als je het loslaat!’

Lees artikel

Debat: De export van landbouwkennis veroorzaakt klimaatimpact over de grens

Door Vice Versa | 06 mei 2021

11 mei a.s. om 19:00 vindt er een debat plaats over de rol van landbouw op klimaatverandering. Verrassend…

Lees artikel