Door:
Sietse Blom

15 april 2024

Tags

De Finse oud-docente Jutta Urpilainen hoef je het belang van onderwijs niet duidelijk te maken: nu ze als eurocommissaris op een grotere schaal kinderen van goede scholing kan voorzien, is ze dan ook niet terughoudend. Sietse Blom schetst hoe ons continent er op dat vlak voorstaat, vlak voor de verkiezingen.

Op 11 april bracht Jutta Urpilainen een indrukwekkende A-lijst van multilaterale spelers bijeen in Brussel, om haar doel nog eens kracht bij te zetten – en dat is hard nodig met de Europese verkiezingen voor de deur, waarin extreemrechts en partijen die kritisch zijn op investeringen buiten de EU-grenzen hoog peilen. Om het geloofwaardig te doen en voor echte impact te zorgen, zullen de EU en haar hoge genodigden ook kritisch naar zichzelf moeten kijken.

Jutta Urpilainen

Met de Global Gateway lijkt de EU een antwoord op de Chinese Nieuwe Zijderoute te hebben gevonden: waar die laatste de afgelopen jaren wat stokt, zet de Europese Commissie juist flink in om zoveel mogelijk landen zo intensief mogelijk te betrekken. Het megaproject uit Brussel is bedoeld om de verbinding van Europa met Sub-Sahara-Afrika, het Midden-Oosten en Latijns-Amerika (en daarmee de Europese geopolitieke invloed in die regio’s) te versterken.

De EU hoopt zo driehonderd miljard euro aan investeringen aan te trekken uit met name de private sector, om waardeketens te verduurzamen, klimaataanpak te versnellen en dus ook de toegang tot en kwaliteit van het onderwijs wereldwijd te verbeteren.

Leerachterstanden

Dat verbetering van het onderwijs nog steeds hard nodig is, bleek evident uit de vele toespraken tijdens het Global Gateway-evenement. Op dit moment gaan ruim 250 miljoen kinderen namelijk níet naar school. Wereldwijd is er een tekort van 44 miljoen aan opgeleide leerkrachten en een ‘learning crisis’ zorgt ervoor dat zeventig procent van alle leerlingen op hun tiende nog niet in staat is om een eenvoudige tekst te lezen.

Ook in Nederland zien we de basisvaardigheden bij rekenen en taal de laatste jaren afnemen, bij scholieren. Hoewel de toegang tot het onderwijs voor veel kinderen de afgelopen decennia in veel landen rap was toegenomen, is de kwaliteit achtergebleven – doordat bijvoorbeeld de klassen enorm groot werden en er een tekort aan goed getrainde docenten ontstond.

De investeringen die landen in goed onderwijs (kunnen) doen, blijven achter en zo blijft het een hardnekkig probleem, en dat in tijden waarin donorlanden zich steeds meer terugtrekken van onderwijsinvesteringen. Zo verlaagden de VS en het VK hun ontwikkelingsbudget voor onderwijs en schrapte ook Nederland na een positieve heropleving onder minister Kaag basisonderwijs weer als prioriteit.

Kort samengevat

Om een systeemverandering te realiseren is geld alléén niet genoeg. David Archer, hoofd programma’s en beïnvloeding bij ActionAid, verwoordde dat (en zeker niet alleen tijdens deze bijeenkomst) kraakhelder. Drie woorden vatten zijn oproep samen: belastingen, bezuinigingen en schulden.

Veel landen zijn een groot deel van hun overheidsbudget kwijt aan het afbetalen van schulden en kunnen daarom niet genoeg geld vrijmaken voor onderwijs. Zo spendeert Ethiopië ruim een kwart van zijn budget aan de terugbetaling van schulden en Zambia zelfs de helft, becijferde Debt Justice.

Bezuinigingen die landen opgelegd krijgen door multilaterale organisaties zoals het IMF en de Wereldbank zijn dodelijk voor hun mogelijkheden om goed onderwijs te realiseren. Vaak hebben ze een gedegen beleid op de planken liggen om de scholing te verbeteren, maar zoals plaatsvervangend VN-chef Amina Mohammed zo treffend samenvatte is het ‘implementatie, implementatie, implementatie’ die achterblijft – en daarvoor is weer voldoende budget en slagkracht nodig. Organisaties zoals Unesco en de Global Campaign for Education roepen landen juist op om er ten minste vier tot zes procent van hun bnp aan te besteden.

Tot slot: belastingen. Als landen die niet (mogen) verhogen of hun belastingsysteem niet beter inrichten, dan komt er onvoldoende financiering voor onderwijs binnen. Alleen met een systeemverandering op deze drie gebieden komt het vierde duurzame ontwikkelingsdoel (SDG4), dat alle kinderen in 2030 kwaliteitsonderwijs krijgen, weer in zicht.

Veilige haven

Hoe het (schaarse) onderwijsbudget vervolgens besteed wordt is natuurlijk ook van belang. Onderwijs dat inclusief is en toegankelijk voor iedereen vraagt om aanpassing van de lesmethodieken, zodat kinderen met een handicap ook volledig mee kunnen doen. En voor goed onderwijs is het niet genoeg dat kinderen naar school gaan, maar dat docenten ook goed opgeleid zijn, zowel vakinhoudelijk als didactisch, en dat de school een veilige plaats is.

Met de snelle digitalisering en verduurzaming in veel landen is het bovendien nodig dat kinderen toegerust worden op de arbeidsmarkt en op de samenleving van de toekomst. Dat vraagt dus om een holistische en toekomstbestendige blik op onderwijs die kinderen goed voorbereidt op wat komen gaat.

Maar terug naar de EU en de Global Gateway. De urgentie en noodzaak worden op Europees niveau zeker gevoeld, met de huidige eurocommissaris als daadkrachtige voorvechter. Zo verhoogde zij het EU-ontwikkelingsbudget dat naar onderwijs gaat van zeven procent toen ze begon, tot dertien procent nu – maar als de EU echt de geopolitieke speler wil zijn die ze claimt te willen zijn, met de ambitieuze Global Gateway-strategie, dan vergt dat kritische introspectie.

Want het zijn veel lidstaten van de EU die een leidende en beslissende stem binnen de multilaterale organisaties hebben die aanwezig waren – en naast de VS zijn zij het die gezamenlijk een grote invloed hebben op het beleid dat die organisaties voeren omtrent het wereldwijde belastingsysteem, verplichte bezuinigingen of striktheid over overheidsfinanciën en schuldenkwijtschelding of vermindering.

Om een geloofwaardige en slagvaardige partner te zijn, is het dus nodig dat de EU verder kijkt dan haar ontwikkelingsbudget voor onderwijs en echt de structurele oorzaken aanpakt. Daarmee maakt zij van de Global Gateway een aantrekkelijk alternatief voor elke andere zijderoute op basis van gelijkwaardigheid en samenwerking.

Sietse Blom is teamleider strategische partnerschappen bij VSO Nederland en stuurgroeplid van de Global Campaign for Education (GCE) Nederland

Pleidooi voor ‘vermaatschappelijking’

Door Ruerd Ruben | 20 mei 2024

David Heyer heeft met Wie heeft het geld opgegeten? een sympathiek en prikkelend boek geschreven over andere mogelijkheden om met Nederlands ontwikkelingsgeld Afrika vooruit te helpen. Ruerd Ruben recenseert

Lees artikel

Boekrecensie Kijk niet weg

Door Hans Beerends | 10 mei 2024

Jan Pronk, activist, politiek analist, minister en hoogleraar schreef honderden artikelen, tientallen boeken en beleidsnota’s. Daarnaast schreven tientallen…

Lees artikel

Tijd voor een feestje?

Door Marc Broere | 09 mei 2024

Juist nu we in Nederland 75 jaar ontwikkelingssamenwerking ‘bedrijven’, staat het misschien wel meer dan ooit onder druk: tijd om het te vieren, of om er een eind aan te breien? Praat mee op 10 juni in de Rode Hoed.

Lees artikel