‘Gemeenschappen hebben zich sneller ontwikkeld dan de ontwikkelingssector zelf’
Als het gaat om lokaal geleide ontwikkeling, zit het venijn in de details. Dat stellen Grace Maingi en Caesar Ngule, die leiding geven aan de Kenyan Community Development Foundation (KCDF). In ons gesprek met hen leggen ze uit waarom gemeenschapsfilantropie de belangrijkste sleutel is tot écht gemeenschapsgestuurd werk en betekenisvolle gelijkwaardigheid. ‘Internationale solidariteit moet aanvullend zijn op lokale solidariteit.’
Oproep aan minister Sjoerdsma: maak van internationale klimaatstrategie concreet actieplan
De nieuwe minister van Ontwikkelingssamenwerking Sjoerd Sjoerdsma kent de wereld. Nu moet hij Nederland volgens Veerle Ver Loren van Themaat, directeur van Simavi, weer geloofwaardig maken in het klimaatdebat. Hij kan beginnen met eindelijk handen en voeten geven aan onze internationale klimaatstrategie.
Protesteren voor beginners
Geweldloos protest lijkt vanzelfsprekend in veel hedendaagse sociale bewegingen, maar achter die strategie schuilt een lange en complexe geschiedenis. In Protesteren voor beginners onderzoekt Lodewijk van Oord hoe geweldloze actie zich door de eeuwen heen heeft ontwikkeld, van klassieke voorbeelden tot moderne protestbewegingen. In onderstaande column bespreekt Hans Beerends het boek en reflecteert hij, aan de hand van eigen ervaringen, op de kracht én de kwetsbaarheid van geweldloos verzet
‘Protesteren voor beginners’. De titel van dit boek, geschreven door Lodewijk van Oord, is wat misleidend. Het is geen adviesgeschrift voor mensen die voor de eerste keer gaan demonstreren. Nee, het is een onderzoek naar de geschiedenis van geweldloze politieke acties, naar het voordeel daarvan, naar het spanningsveld tussen geweldloze en gewelddadige acties en de valkuilen waar actievoerders onbewust in kunnen lopen.
In zijn onderzoek ontdekte Van Oord een geweldloze actie in Griekenland in het jaar 400 voor Christus. Athene was al decennia in oorlog met het naburige Sparta en de vrouwen van beide landen waren het zat. Lysistrata riep alle vrouwen op om in seksstaking te gaan en zo de mannen te dwingen de oorlog te staken. Niet alle vrouwen waren het daar direct mee eens. Seksstaking, zeiden een paar vrouwen? Nee, nooit van mijn leven! Ik wil door het vuur gaan, maar een seksstaking? Nee, dan maar liever oorlog. Maar ook deze vrouwen raakten overtuigd en zo begonnen vrouwen uit Athene en uit Sparta een seksstaking. De mannen waren woedend, maar na wat schermutselingen, waarbij vrouwen een hecht verbond vormden, besloten ze te onderhandelen en kwam er een einde aan de oorlog. Dat dit geweldloze wapen nog steeds bestaat ontdekte ik in de jaren ’70 toen ik op reis was in West Afrika. In Kameroen werden jongeren voor kleine ondeugendheden door de politie finaal in elkaar geslagen. Dit tot woede van de moeders. Toen protest hiertegen niet hielp, gingen ze in seksstaking en binnen anderhalve maand was het afgelopen met het overdreven slaan.
In zijn verdere onderzoek komt Van Oord bij Gandhi, die hij ziet als de basis van het denken over geweldloos verzet. De meest bekende actie van Gandhi was zijn protest tegen de invoering van belasting op de productie van zout. Hij besloot met zijn volgelingen in een drieweekse tocht naar zee te wandelen om daar zijn eigen zout te produceren. Al wandelend hadden duizenden Indiërs zich bij hen aangesloten. Later is daar nog een film over gemaakt die wereldwijd veel aandacht kreeg en het denken over geweldloos verzet bevorderde.
Laat ik verder een aantal voorbeelden noemen die ik zelf van zeer dichtbij meegemaakt heb. Om te beginnen Vietnam. De eerste protestacties tegen het optreden van de VS in Vietnam werden georganiseerd door o.a. de Ban de Bom beweging en bestond uit bezetting van de ingang van het Amerikaanse consulaat in Amsterdam en het demonstreren, wat in die tijd nog verboden was. Hoe nu verder? Een paar Vietnamcritici kwamen in contact met de Amerikaanse professor in de ethiek John Swomley, tevens specialist in sociale veranderingsprocessen. Zijn analyse was: elke sociale verandering begint met radicale acties. Deze acties roepen weerstand op maar zetten het probleem wel op de agenda. Vervolgens komen er mensen die het wel eens zijn met het doel van de actie maar niet met de actiemethoden. Deze mensen zetten dan vaak een groep op die op een niet radicale wijze mensen mobiliseert.
En ja hoor, precies dat gebeurde. Piet Nak, voorman van de Februaristaking van 1941, was enkele keren bij de eerste acties maar vond het geheel te rel-achtig. Hij zocht contact met onder meer professor Verkuyl en Piet Dankert, internationaal secretaris van de PvdA, en zij richtten in 1967 het Vietnamcomité op dat een aantal succesvolle demonstratie organiseerde. Piet Nak, die als Jordanees Vietnam uitsprak als Viet -Nam kreeg van activisten de naam Piët Nak.
Een ander voorbeeld waarbij het niet goed ging, was het protest tegen de pasjeswet in Sharpville, Zuid-Afrika in maart 1960. Op initiatief van Mandela liepen duizenden zwarten al zingend en swingend zonder het gehate pasje naar het politiebureau. Idee was zich als totale groep te laten arresteren. Zover kwam het echter niet. Toen de groep naderde, begon de politie te schieten met als gevolg 69 doden en vele gewonden. Voor Mandela was dit het teken dat geweldloos verzet niet werkt en hij ging over tot gewelddadig verzet. Het neerschieten van ongewapende burgers leidde wereldwijd tot grote verontwaardiging en in een aantal landen tot oprichting van protestcomités.
In Nederland ontstonden in die jaren diverse protestgroepen. De belangrijkste werd de in 1971 opgerichte AABN (Anti Apartheids Beweging Nederland). Vanaf dat jaar organiseerde de AABN reeksen demonstraties, voorlichtingsavonden, prikacties naar bedrijven en zo meer. Maar ook zij ontkwam niet aan het spanningsveld tussen geweldloze en gewelddadige acties. Halverwege de jaren ’80, toen eindelijk ook het CDA en de PvdA niet langer spraken over ‘gescheiden ontwikkeling’ maar apartheid echt zagen als onrecht, waren er activisten buiten de AABN voor wie het allemaal te lang duurde. RaRa, een anarchistische actiegroep, stak in 1985 vier Makrovestigingen in brand. Daarna besloot moederbedrijf SHV haar Makrovestigingen uit Zuid-Afrika terug te trekken. Een andere actiegroep met de naam Nachtschade begon vanaf 1986 slangen bij Shell pompstations door te snijden. De ‘gevestigde’ Zuid-Afrika groepen veroordeelden de geweldstrategie van RaRa en ten aanzien van het slangen door snijden stelden zij zich terughoudend op. Maar het kwaad was al geschied. De Telegraaf pakte de gewelddadige acties op om daarmee de gehele Zuid-Afrika beweging te criminaliseren.
Deze situatie en meer nog de situatie in Sharpville geeft een zwak punt aan van geweldloze acties. Deze acties kunnen een belangrijke rol spelen mits hun politieke tegenstander een bepaalde mate van burgerlijk fatsoen hanteert en hun potentiële medestanders een redelijk strategisch inzicht bezitten. De ethicus Swomley en Lodewijk van Oord pleiten er voor om toch zo lang mogelijk geweldloosheid aan te houden. Want overgaan tot gewelddadigheid betekent in de regel dat je tegenstander, die veel meer gewelddadige wapens bezit, het zal winnen.
Protesteren voor beginners
Auteur: Lodewijk van Oord
Uitgever: Cossee
hansbeerends@planet.nl
Geweldloos protest lijkt vanzelfsprekend in veel hedendaagse sociale bewegingen, maar achter die strategie schuilt een lange en complexe geschiedenis. In Protesteren voor beginners onderzoekt Lodewijk van Oord hoe geweldloze actie zich door de eeuwen heen heeft ontwikkeld, van klassieke voorbeelden tot moderne protestbewegingen. In onderstaande column bespreekt Hans Beerends het boek en reflecteert hij, aan de hand van eigen ervaringen, op de kracht én de kwetsbaarheid van geweldloos verzet.
Van Bavel naar Kenia: hoe Harambee Holland het stokje doorgaf
Na bijna 25 jaar zette Stichting Harambee Holland in 2024 een belangrijke stap door al haar projecten over te dragen aan de Keniaanse Hongera Foundation. Het afscheid in Ulvenhout was zowel feestelijk als emotioneel. Want hoe neem je je Nederlande achterban mee in een verhaal over loslaten, vertrouwen en shifting the power? Samen met oprichters Roel en Marianne Meijers en bijzonder hoogleraar Sara Kinsbergen blikken we terug op een periode van solidariteit, uitdagingen en nieuwe manieren om verbinding te maken.
Boekrecensie: Oeganda, Alles is mogelijk
Op 15 januari 2026 vonden er presidents- en parlementsverkiezingen plaats in Oeganda. Zittend president Yoweri Museveni en zijn regeringspartij, de Nationale Verzetsbeweging (NRM), wonnen de verkiezingen. Museveni, reeds aan de macht sinds januari 1986, kan daarmee beginnen aan een zevende termijn.[1] Reden genoeg om het boek Oeganda, Alles is mogelijk van Floris Bijlsma tegen het licht te houden. Dit boek kwam in 2025 uit en geeft een actueel beeld van het Oost-Afrikaanse land.
Kritische stemmen serieus nemen: durft het volgende kabinet dat weer aan?
Zwijgend beleid is zelden rechtvaardig. Terwijl een dubbel-demissionair kabinet op het punt staat vergaande besluiten te nemen, dreigt juist de stem te verdwijnen van mensen die de gevolgen ervan dagelijks voelen. In dit opiniestuk waarschuwt Simavi-directeur Veerle Ver Loren van Themaat wat er verloren gaat als maatschappelijke tegenspraak wordt weggezet als ongewenste beïnvloeding.
Wanneer gemeenschappen leiden: Vice Versa Global lanceert special over lokalisering
In een tijd waarin internationale ontwikkelingsbudgetten krimpen en het mondiale hulpsysteem onder druk staat, presenteert Vice Versa Global een nieuwe internationale special over lokalisering en lokaal geleide ontwikkeling. De editie, When Communities Lead – How local actors are redefining development and why the world must follow” , laat zien hoe gemeenschappen wereldwijd al langer het voortouw nemen in ontwikkeling – en waarom het mondiale systeem hen eindelijk serieus moet volgen.
